|
|
|
|
Dilbeek is de meest heuvelachtige gemeente van de streek. Het hoogste punt (Molenberg) bevindt zich op 93 meter boven de zeespiegel; het laagste op iets minder dan 40 meter. De bovenste aardlagen zijn gevormd in het Tertiaire tijdperk ongeveer 70 mln. Jaar geleden gedurende het Eoceen tijdvak (EOS= dageraad) 60 mln. Jaar geleden. In die periode lag het grondgebied van Brussel nog onder de zeespiegel. De vijf bijzonderste aardlagen te Dilbeek zijn:
Boven de 70 meter komt op sommige plaatsen een kleilaag te voorschijn; het alluvium van de gletsers uit het kwartair tijdperk. Het is de lediaan etage die voor Dilbeek van groot belang is geweest. Gesteenten ut het Eoceen komen in het grootste gedeelte van Vlaanderen en Brabant voor. Tijdens deze periode groeiden in West-Europa vooral naaldbomen en altijdgroene loofbomen. Het Brusseliaan, de midden-eocene laag, bestaat uit lagen kalkzandsteen dat vroeger als bouwsteen werd gebrukt bij o.m. het optrekken van stadhuizen en kerkbouw. Buiten kleine fosielen vinden we nog schelpen en grote haaientanden van het geslacht Odontaspis. Dit is een genus van kraakbeenvissen uit de familie der makreelhaaien. De zandhaai (ferox of carcharias taurus) wordt 4 meter lang en jaagt in groep op visscholen. Dergelijke tanden werden o.a. gevonden op de hoek van de Oude-Smidse- en de Verheydenstraat tijdens bouwwerken door aannemer Jan Baptist Puttaert; plaats waar later een kapsalon gevestigd werd (nu Liberale Mutualiteit Marc De Meulemeester). |